rouwcentrum Sabbe
Rouwcentrum Sabbe
Welkom
Bloemen
Grafzerken
Rouwdrukwerk
Gedichten

Laatste Wilsbeschikking

Onze diensten
Nuttige adressen

Tieltstraat 51 - 76

8760 Meulebeke

Rouwcentrum

Wij zijn dag en nacht bereikbaar

Tel. : 051/48 89 52 of 051/48 46 93

E-mail : andy@rouwcentrumsabbe.be of andy.sabbe@pandora.be
GSM : 0472/51 72 79
Crematie
Toonzaal
Ligging

• De bank van de overledene

Alle zicht-, bank-, en termijnrekeningen van de overledene en de gezamenlijke
rekeningen met derden worden onmiddellijk geblokkeerd en de bankkluis
wordt verzegeld. De gegeven volmachten vervallen. De gewone betalingen
(gas, elektriciteit, ziekenhuisfacturen) handelt de bank meestal verder af. Ook de rekeningen van de partner wordt geblokkeerd. Er wordt 5000 euro verzet naar een nieuwe rekening. Deze kan gebruikt worden om van te leven totdat de rekening vrijgegeven wordt. Reken minimum op 4 weken.

De familie of de overledene (wanneer die dat testamentair bepaalde) kan de
notaris machtigen om het verdere verloop van betalingen te behartigen.
Na overleg met de bankdirecteur kunnen geldopvragingen toch gebeuren.

De exacte bedragen verschillen van bank tot bank en moeten meestal verbonden
zijn aan begrafeniskosten of dagelijkse kosten zoals huur, elektriciteit,...

Voor grote bedragen moet u zich wenden tot een notaris of vrederechter. Hij stelt een ‘akte van bekendheid’ of ‘erfrechtverklaring’ op waarmee u bij de bankinstelling geld kunt afhalen.
De bankinstelling is wel verplicht de fiscus in te lichten over de successierechten.
U kunt de bankbediende steeds aanspreken voor verder advies.

 

• De werkgever
Breng meteen de werkgever van de overledene op de hoogte. Die zal, indien
van toepassing, zowel de arbeidsongevallenverzekering als de eventueel afgesloten groepsverzekering op de hoogte brengen. Bij het overlijden van een
kind kan hij/zij helpen om het kinderbijslagfonds te waarschuwen (zie ook
‘Maatregelen te nemen bij het overlijden voor kinderen’).
Uzelf hebt als werknemer het recht om met behoud van loon afwezig te zijn
na het overlijden van een familielid.

De wettelijke duur van de afwezigheid is afhankelijk van de graad van verwantschap met de overledene.
Bij het overlijden van de echtgenoot of echtgenote, van een eigen kind of een
kind van de echtgeno(o)t(e), van een vader, moeder, schoonvader, schoonmoeder, stiefvader of stiefmoeder heeft men recht op drie dagen, te kiezen
in de periode die begint met de dag van het overlijden en eindigt met de dag
van de begrafenis.

Bij het overlijden van een broer, zus, schoonbroer, schoonzus, grootvader, grootmoeder, kleinkind, overgrootvader, overgrootmoeder, achterkleinkind, schoonzoon of schoondochter die inwoont, heeft men recht op twee dagen, die door de werknemer te kiezen zijn tijdens de periode die begint met de dag van het
overlijden en eindigt met de dag van de begrafenis.
Wanneer bovenvermelde personen niet inwonen, heeft men recht op één dag.
Als het overlijden zich voordoet in een periode van inactiviteit door bijv.
vakantie of ziekte, wordt dit betaalde verlof niet toegekend.

• De dienst Pensioenen
Indien de overledene een pensioen genoot, moet de uitbetalende pensioendienst
op de hoogte gebracht worden. Deze dienst kunt u vinden in elk gemeentelijk
of stedelijk administratief centrum. Neem het meest recente pensioenstrookje
mee.

 

Te contacteren instanties
• Ziekenfonds (wordt door ons geregeld of wij helpen jullie wat te doen)
Als u als persoon ten laste op het ziekenboekje van de overledene stond, moet
u zich zo snel mogelijk laten verzekeren op eigen naam. Als uw inkomen een
bepaalde jaarlijkse grens niet overschrijdt en u behoort tot de groep van rechthebbenden
met verhoogde tegemoetkoming, dan kunt u ook van een voorkeurregeling
genieten waardoor uw persoonlijk aandeel (opleg) veel kleiner
is. Hiervoor moet u wel bij uw ziekenfonds een ‘verklaring op eer’ invullen en
ondertekenen, waarbij u een recent pensioenstrookje of aanslagbiljet van
de belastingen voegt. Uw ziekenfonds zal u hierover graag verder adviseren.

• Begrafenisvergoeding

• Privé-sector
Voor loontrekkenden of gepensioneerden die gewerkt hebben in de privésector,
kan er via het ziekenfonds van de overledene een begrafenisvergoeding
van minimaal 148,74 euro verkregen worden. Deze wordt uitbetaald
aan de persoon die de facturen van de begrafenis heeft afgehandeld en deze
kan voorleggen samen met een uittreksel van de overlijdensakte. Een aantal
ziekenfondsen betaalt bovenop deze vergoeding nog een extra vergoeding.

• Openbare sector
Voor dezelfde personen, maar dan uit de openbare sector, kan een vergoeding
gevraagd worden via de werkgever of bij pensionering via de Administratie
der Pensioenen, Sectie Begrafenisvergoedingen, tel. 02 210 36 11. Dit
wordt uitgekeerd onder de vorm van een extra maand wedde of pensioen.

• Zelfstandigen
Zelfstandigen en hun personen ten laste hebben geen recht op een begrafenisvergoeding,
tenzij ze hiervoor een aanvullende verzekering afsloten
hebben bij het ziekenfonds.
Informeer ook eens bij de vakbond van de overledene naar mogelijke vergoedingen.

• Verzekeringsagent/makelaar
Als een gewone levensverzekering afgesloten werd, ontvangt u als overblijvende
partner een bepaalde som nadat alle formaliteiten vervuld zijn. Als u een
schuldsaldoverzekering afsloot, zult u als overblijvende partner de aangegane
lening niet meer op dezelfde manier hoeven af te lossen. Raadpleeg hiervoor
steeds de polisvoorwaarden. Het kan ook zijn dat er een begrafenisverzekering
werd afgesloten.
Mee te nemen naar uw verzekeraar:
• Polis
• Doktersattest met de vermelding van de oorzaak van het overlijden
• Bewijs van laatste premiebetaling
• Uittreksel overlijdensakte
• Pensioendienst
• De overledene was gepensioneerd
De uitbetalende pensioendienst dient op de hoogte gebracht te worden.
Welke dat is, kunt u lezen op de pensioenfi ches. U kunt het best terecht op de
pensioendienst van uw gemeente of bij het ziekenfonds. Neem het meest
recente pensioenstrookje mee. Deze dienst treft doorgaans ook de nodige
administratieve maatregelen voor de achterblijvende partner. Enkel de
weduwe of weduwnaar die zelf gepensioneerd is of geen eigen inkomen
heeft, heeft recht op het pensioen van de overledene, weliswaar herberekend
vanwege de nieuwe gezinssituatie. Ten onrechte uitgekeerde pensioenen
worden teruggevorderd.

• De overledene was nog niet gepensioneerd
Als de overledene nog niet van een pensioen genoot, kunt u als overblijvende
partner een overlevingspensioen aanvragen via de pensioendienst van de
gemeente van de overledene of van uw ziekenfonds. Aan een aantal voorwaarden
moet voldaan worden:

- De nabestaande moet minimum 45 jaar oud zijn. Dit geldt niet wanneer er
een kind ten laste is of wanneer men voor 65% arbeidsongeschikt is.

- De echtgenoten moeten zeker gedurende één jaar gehuwd geweest zijn.
Dit hoeft niet wanneer binnen 300 dagen na het overlijden een kind
geboren wordt of als het overlijden het gevolg is van een ongeval.

Voor weduw(e)n(aars) zonder inkomen kunnen voorschotten gevraagd worden
op het bovenvermeld overlevingspensioen bij het OCMW (Openbaar Centrum
Maatschappelijk Welzijn) van de eigen woonplaats. Die worden later wel teruggevorderd,
maar zonder intresten.

• Directie voor de inschrijving van Motorvoertuigen
Als de overledene een voertuig bezat en u wenst dit te behouden, dan kan
enkel de overlevende wettige echtgeno(o)t(e) de nummerplaat op zijn/haar
naam laten zetten. Andere erfgenamen hebben dit recht niet en moeten de
nummerplaat terug sturen. Het voertuig zal opnieuw ingeschreven moeten
worden als het in het verkeer blijft. Moest u de wagen niet meer gebruiken,
dan dient u de nummerplaten binnen 4 maanden terug te sturen.
Meer info:
Directie voor Inschrijving van Voertuigen, Wetstraat155, 1040 Brussel, tel.
02 286 45 00

• Belastingen
Via een uittreksel van de overlijdensakte moeten de erfgenamen een aangifte
van overlijden aan de belastingen te bezorgen. De overblijvende gezinsleden
moeten aangifte doen van wijziging van burgerlijke staat, gezinslasten en
inkomsten. De aangifte dient te gebeuren in het belastingkantoor waartoe de
overledene behoorde.

• Bank
Als de overledene een zicht- of spaarrekening bij de bank had, dan bestaat er
een kans dat hieraan ook een verzekering bij overlijden door een ongeval is
gekoppeld. Informeer bij zijn/haar bank. Betreffende de opening van de bankkluis
zal men een ‘akte van bekendheid’ vragen die u kunt verkrijgen via
de notaris of de vrederechter. Een ambtenaar van de Registratie en Domeinen
moet wel aanwezig zijn, samen met de mede-erfgenamen.

• Verzekeringen
Sommige polissen bieden waarborgen bij overlijden.

• Diversen
Alle abonnementen van tijdschriften op naam van de overledene, maar ook
aansluiting op water-, gas- en distributienet moeten opgezegd worden.
Diensten die renten, toelagen of tegemoetkomingen toekenden aan de
overledene moeten ook verwittigd worden. U bezorgt deze diensten best
een uittreksel uit de overlijdensakte. Rechten die ten onrechte ontvangen zijn
moeten terugbetaald worden, zo niet is er een rechtsvervolging.

 

Regelingen in verband met kinderen

• Verhoogde kinderbijslag (= wezenbijslag)
Bij de aangifte van het overlijden aan het kinderbijslagfonds waarbij de overledene
was aangesloten, wordt het recht op wezenbijslag onderzocht. Voor
een zelfstandige zal de Sociale Verzekeringskas waarbij men aangesloten is,
het nodige doen. Als de overlevende vader of moeder later hertrouwt of
gaat samenwonen, vervalt de wezenbijslag.

• Voogdij over minderjarige kinderen
De ambtenaar van de burgerlijk stand, die de akte van overlijden opmaakt,
moet binnen drie dagen van het overlijden aan de vrederechter de verblijfplaats
van de minderjarige meedelen. Wanneer één van beide ouders overleden
is, blijft de overlevende ouder uitvoerder van het ouderlijk gezag.
Wanneer beide ouders overleden zijn zal de vrederechter een voogd aanstellen.
De voogd is iemand die geschikt moet zijn om de minderjarige op te voeden,
zijn goederen te beheren en hem te vertegenwoordigen in rechtshandelingen.
Deze wordt bij voorkeur gekozen uit de naaste familie.
Bij toewijzing wordt rekening gehouden met de wil van de overleden ouders
(aangewezen bij testament door de langstlevende ouder). Het minderjarig
kind (12+) wordt tevens gehoord door de vrederechter.
De vrederechter stelt ook een toeziende voogd aan om toezicht te houden op
de voogd bij de uitoefening van zijn of haar opdracht. Als er niet in het belang
van de minderjarige wordt opgetreden, informeert de toeziende voogd de
vrederechter. De vrederechter moet ook tussenbeide komen bij het afhandelen
van bepaalde zaken (erfenis, huur, ...).

Erfenis

• Erfgenamen
De erfgenamen kunnen opgenomen worden in een testament. Is er niets
bepaald, dan bepaalt de wet dat enkel bloedverwanten (in vaste volgorde) en
de langstlevende echtgenoot erfrechten hebben.

• Testament
Bij het openen van de kluis van de overledene kan een testament te voorschijn
komen of het kan ook bij een notaris geregistreerd zijn. Of er een testament is
en waar dat zich bevindt, kunt u bij elke notaris navragen of bij het Centraal
Register voor Testamenten, Bergstraat 30-34, 1000 Brussel, tel. 02 505 08 11.
Open op werkdagen van 9u tot 12u en van 14u tot 16u.
Als het testament niet geregistreerd is, dan moet de persoon die het testament
bezit zich melden bij een notaris.
Aanvaarding of verwerping van de nalatenschap
U bent niet verplicht om een erfenis te aanvaarden. Het zou immers kunnen dat
de overledene meer schulden dan bezittingen had en dan erft u deze schulden mee.
Voor u de erfenis aanvaardt of verwerpt kunt u aan de notaris vragen om een
boedelbeschrijving te maken. Tot dan geniet u het zogenaamde ‘voorrecht
van boedelbeschrijving’. Deze procedure start u via de griffi e van de Rechtbank
van Eerste Aanleg in de gemeente waar de overledene woonde en dan
wel binnen de 3 maanden na diens overlijden. Daarna krijgt u nog 40 dagen
om een beslissing te nemen. Als u de erfenis uiteindelijk aanvaardt, dan moet
u wel erfenisrechten (successierechten) betalen.

• Erfenisrechten of successierechten
Deze rechten kunnen beschouwd worden als belasting die betaald moet worden
op de geërfde goederen en ze worden berekend o.a. volgens de grootte
van de erfenis en de graad van verwantschap. U moet ook aangifte doen van
de erfenis.

• Aangifte en verdeling van de nalatenschap

• Aangifte
Wanneer u erft moet u aangifte doen binnen de 5 maanden (bij een overlijden
in het buitenland is de termijn langer). Het aangifteformulier, verkrijgbaar
bij het kantoor van Registratie en Domeinen, mag door de erfgenamen
zelf worden opgesteld.

• Verdeling van de nalatenschap
De verdeling van een nalatenschap wordt bij wet geregeld tenzij men over
een geldig testament beschikt, dan kunt u best een beroep doen op een
notaris. Wanneer in de erfenis onroerende goederen aanwezig zijn, moet de
notaris een ‘authentieke akte’ opstellen.

 

 

 

 

 

 

Aula